logoplaatje
titel: Bibliotheek
plaatje: Beautiful people

Beautiful people

plaatje: bulletHelemaal in elkaar gevouwen ligt hij in z`n bed. Met een van pijn vertrokken, grauw gezicht forceert hij een glimlach als ik de woonkamer binnenkom. "Vriend B!" roep ik -zoals altijd- bij binnenkomst. "Ha zussie!" zijn immer zijn welkomstwoorden. Deze avond komt slechts een fluisterend "zussie" uit zijn mond. Dat gaat niet goed flitst er door m`n hoofd, dit is foute boel. Ik voel het. "Hoe gaat het met je, vriendje B?" vraag ik zo neutraal mogelijk, maar hij ziet me slikken en m`n stem slaat een keer over. Langzaam schudt hij zijn hoofd en vertelt me dat het helemaal niks is. Hij heeft pijn. Heel veel pijn. "Schuif eens een klein beetje op, dan kom ik even bij je zitten...."

De afgelopen twee dagen heeft hij helse pijnen, slaapt slecht en is vreselijk moe. Eerder deze week spraken we over de pijn die toen nog draaglijk leek te zijn voor hem. We hebben gelachen omdat een vervangende huisarts zijn morfine nogal drastisch had verhoogd en daarbij een slaaptablet had voorgeschreven waar hij nogal heftig op reageerde. Helemaal in de war, afwisselend hallucinerend en suf, zich de dag erna niets meer herinnerend vertelde ik dat ik die avond zo om hem moest lachen. Het lachen is me vergaan nu. Zwijgend pak ik zijn hand en hij knijpt even zachtjes in de mijne. Drie dagen geleden had hij liever een beetje pijn dan dat hij helemaal verward en suf zou zijn. Nu is hij daar niet meer zo zeker van. "Wat denk jij zus? Wat moeten we nu doen? Zeg jij er eens iets van..."

"Ik kan niet zeggen wat je moet doen, want ik weet het niet. We hebben woensdag afgesproken dat zolang de pijn draaglijk voor je is, we het zouden houden zoals het nu is. Jij alleen kan bepalen wat draaglijk is voor jou. Ik mag niet bepalen of je meer morfine krijgt, dat doet de huisarts en het moet jouw keuze zijn." Hij weet het niet. Ik weet het niet. We weten het allebei niet. En aan de andere kant weten we het allebei donders goed. Hij gaat dood. De afgelopen weken genoten we ervan dat het zo goed met hem ging. We maakten grapjes, maar vergaten niet de realiteit. Die keiharde realiteit die ik elke avond in de rapportage lees: Kanker met uitzaaiingen. Uitbehandeld. Wil thuis sterven. We hebben er uitgebreid over gesproken en toch zijn we nu beide even sprakeloos. Het kan ineens dichtbij komen en hoewel we dat natuurlijk allebei weten, zijn we er toch stil van.

"Kijk ons hier nou zitten. We zijn een mooi stel he?!" doorbreekt hij het stilzwijgen. Ik kijk naar hem en zeg:" Heb ik je al eens verteld dat ik enorm veel bewondering voor je heb? Je bent een mooi en sterk mens vriend B. Mag ik zeggen dat ik hoop dat je nog een tijdje blijft?" Hij zwijgt en knikt alleen maar naar me. Een blik op de klok zegt me dat ik nu moet gaan doen waar ik ook voor kom, namelijk zijn medicijnen geven, omkleden en hem goed in bed leggen. Een schoon slaapshirt, de glazen water en een warme kruik. Ik leg twee extra pijnstillers op het tafeltje naast zijn bed en til hem zo voorzichtig mogelijk wat hoger in bed. "Ik til bij drie he?" zeg ik gewoontegetrouw. Zijn sterk vermagerde lijf verkrampt even als ik hem bij de derde tel naar boven til. Ik doe hem ondanks mijn voorzichtigheid pijn, maar hij geeft geen kik. "Lig je lekker zo?" Zijn ogen vallen al haast dicht, een kort knikje, hij ligt goed. "Ben je er morgen weer?" vraagt hij me.
"Ja, jij ook?"
"Ik hoop van wel, maar kan je niets beloven..... We weten het niet he?"
"Nee, we weten het niet.... "
Met de gebruikelijke high five neem ik afscheid, wens hem welterusten en zeg instinctief: " Tot morgen!"

Buiten is het koud, het gras is al een beetje bevroren en kraakt onder mijn voeten. In de auto zingt Mathilde Santing over beautiful people. Mijn vriendje B is zo iemand...

Reageren?

plaatje: bulletWilt u een reactie op deze column geven? Dat kan hieronder.



(e-mail wordt niet getoond, wel verplicht)