logoplaatje
titel: Bibliotheek

Sterven in een geleend bed

plaatje: bulletThuis sterven is nog niet sterven in het eigen bed. Het eigen bed is “het bed waarin ook mijn kind is geboren,” zei een jonge moeder me eens. Zij kreeg wel de kans om in haar eigen bed te blijven. Zij kon ook tot het einde op haar-hun slaapkamer blijven.
Velen hopen zolang mogelijk nog in het eigen bed te kunnen blijven en op de eigen slaapkamer. Niet meer de trap op kunnen, niet meer in het eigen bed kunnen slapen is weer een verlies. Bij de een is het mogelijk een bed bij het raam te plaatsen of tegen een muur met uitzicht op de tuin. Aan het kijken naar de tuin kan nog veel beleefd worden. Bij weer anderen zag ik het geleende bed de hele woonkamer domineren. We staan niet elke dag stil bij de emotionele betekenis van het bed. Het liefdesbed dat sterfbed wordt. Het eigen bed dat verlaten moet worden voor een geleend bed. Het geleende bed is een vreemde indringer, zoals de kanker een vreemde indringer kan zijn. Het geleende bed op hoge poten en wielen is een vreemde. Met een eigen dekbed en kussens wordt het soms gecamoufleerd, maar het blijft een vreemde. Ik ga even niet in op de kwaliteit van deze bedden inclusief de matrassen en de vraag of je er goed in kunt slapen. Een slapeloze nacht kan voor een zieke een nachtmerrie, een hel worden. Een nacht die maar niet voorbij lijkt te gaan. Het vreemde geleende bed is ook een bed dat er niet zo toe uitnodigt om nog eens naast de zieke te gaan en toch kan dat een zeer troostende ervaring zijn. Een jonge vader vertelde hoe hij – zelf ook doodmoe – in het eigen bed naast zijn dood-zieke vrouw was gaan liggen. Ze waren samen in slaap gevallen. Toen hij wakker werd, was zij ingeslapen. Voor hem was dat een mooi sterven: zo dicht bij elkaar. “Zij was in een slaap gevallen waaruit zij niet meer wakker zou worden,” zei hij. Enkele malen is het me opgevallen dat naasten na het overlijden dit vreemde geleende bed zo snel mogelijk uit hun huis willen hebben. Ze willen ook niet graag een schuurtje of een garage als een tijdelijke opslagplaats. “Als jullie het vanmorgen niet ophalen, zetten we het aan de openbare weg,” zei iemand. Dat zo een bed nog een paar dagen in de buurt is, wordt als storend ervaren. Het bed dat zo verbonden is met de dood kijkt de nabestaanden koud en kil aan als een ongewenste gast die maar niet vertrekt.

Marinus van den Berg

Reageren?

plaatje: bulletWilt u een reactie geven op deze column? Dat kan hieronder.



(e-mail wordt niet getoond, wel verplicht)
 
Larissa Bol schreef op 23-11-2007 22:50
Nee, naar boven , de trap op lopen ging niet meer. Eerst heeft mijn man een week opde bank geslapen, want zo'n ziekenhuisbed kwam het huis niet in. Zijn opa was ook in zo'n ziekenhuisbed aan kanker overleden. Datzelfde wilde mijn man niet. Hij had ook kanker en was ongeneeslijk ziek. Toch kwam na een week dat bed, op aandringen van de huisarts. Na drie weken was het voorbij en is mijn man overleden, in dat stomme ziekenhuisbed. Het is fijn dat ze er zijn, omdat het beter is dan een bank, maar er gaat niet boven een eigen bed en gewoon fijn naast elkaar liggen. Ook ik wilde dat bed direct mijn huis uit toen mijn man was opgehaald. Ik kon het niet meer zien. Net zomin als de rolstoel, de krukken, de steek en alle andere hulpmiddelen. Bijna had ik zelfs het dekbed in de container gegooid.
Lisette van der spek schreef op 24-10-2007 21:37
wat een prachtige omschrijving, van een ontzettend belangrijk object, tijdens een kort of lang proces van aftakeling.
Het ontroerd mij!
Ik heb een flink aantal jaren, mensen mogen begeleiden, naar en in hun laatste levensfase.
Het bed is een intieme plaats, daar waar ik vaak op werd uitgenodigd.
Kom even zitten (er werd dan op de lakens en de deken getikt)
Nee, ik mocht niet op het krukje of een stoel.
Wat ik deed? Een hand vasthouden, luisteren,er helemaal zijn.
Tijd speelt op zo'n moment geen enkele rol!
Ik heb vaak het daadwerkelijke sterven mogen meemaken.
Het feit, dat ik door de stervende en de familie daartoe werd uitgenodigd, zie ik als
zo'n mooi gebaar.
Het heeft mij doen inzien, dat de dood een milde dood is.
Het lichaam is klaar, de geest is klaar en de overgang naar de overzijde is dan
een stap, waarbij als ik vanuit mezelf redeneer: de hand loslaat, ik blijf hier, ga verder met dit leven en gestorvene, gaat verder aan de andere zijde, verder in de dimensie, die bestaat uit een overweldigende warmte en liefde.