logoplaatje
titel: Palliatieve zorg...
plaatje: Medische beslissingen rondom het levenseinde

Medische beslissingen rondom het levenseinde

plaatje: bulletHoe sterven Nederlanders? En hoe vaak helpt de dokter daar een handje bij? Uit onderzoek blijkt dat medische beslissingen aan het sterfbed geen zeldzaamheid zijn. Iedere dag sterven ongeveer vierhonderd mensen. Bij ongeveer de helft neemt een arts een of meer beslissingen die een bespoediging van het overlijden met zich kunnen meebrengen.
De twee meest genomen beslissingen zijn: het opvoeren van de medicatie om pijn of andere klachten te bestrijden (meestal met morfine) en het staken of niet beginnen van behandelingen die het leven zouden kunnen verlengen. Deze beslissingen worden – en dat is al jarenlang constant – ieder bij ongeveer 20 procent van de overlijdens genomen. De resterende circa 15 procent betreft beslissingen tot actieve levensbeëindiging op verzoek (euthanasie en hulp bij zelfdoding: 3 procent), actieve levensbeëindiging zonder verzoek (1 procent) en palliatieve sedatie (6 à 13 procent).

Opvoeren van de medicatie

De meest voorkomende medische beslissing aan het sterfbed is het opvoeren van de medicatie om pijn of andere klachten draaglijk te maken of, liever nog, te beheersen. Jaarlijks gebeurt dat ongeveer 25.000 keer. De arts accepteert hierbij het mogelijke gevolg dat de patiënt eerder sterft. Van oudsher staat deze (toegestane) wijze van handelen onder artsen bekend als de leer van het dubbele effect.
De levensbekorting is volgens schattingen van de artsen in de meeste gevallen beperkt: meestal hooguit een dag en zelden meer dan een week. Patiënten bij wie deze medische beslissing noodzakelijk is, bevinden zich in het allerlaatste stadium van hun ziekteproces. Uit onderzoek is bekend dat patiënten vaak aan artsen vragen de pijnbestrijding op te voeren. Een arts zal in een daaropvolgend gesprek zeggen dat dit een vervroegde dood tot gevolg kan hebben. Een arts kan dit – met de patiënt – zien als goede zorg ofwel als goed sterven. Ook de familie kan op het opvoeren aandringen. In bijna 10 procent van de situaties is het uitsluitend de familie die erom vraagt (en daarbij de arts aan haar zijde vindt).
Als artsen medicatie voor pijn- of symptoombestrijding toedienen, gaat het vaak om morfine. Er bestaan veel misverstanden over morfine. Zo zou het per definitie een levensbekortend effect hebben. Dit is lange tijd gedacht, maar inmiddels achterhaald (tenzij de dosering heel snel wordt verhoogd, maar ook dit is niet geheel zeker). Als de dood eerder komt, is dat het gevolg van de bijwerkingen van de overdosering.

Staken of niet beginnen van een behandeling

De tweede grote groep medische beslissingen (ongeveer 20.000 per jaar) valt uiteen in twee soorten: het staken en het niet beginnen van een behandeling, met een bespoediging van het overlijden als mogelijk gevolg. Het gaat hierbij om behandelingen waarbij vocht en/of voeding, antibiotica of medicijnen voor het hart worden toegediend. Ook het niet aansluiten van kunstmatige beademing valt hieronder. Voor deze ingrepen wordt niet (meer) gekozen omdat de patiënt het niet wil of omdat het medisch zinloos is: het risico van bijwerkingen is te groot of het resultaat van de behandeling te gering.
In de helft van de gevallen houdt de arts er rekening mee dat het staken of niet beginnen van de behandeling de dood kan bespoedigen. In de andere helft wenst hij het zelfs hardop; er is dan het uitdrukkelijke doel aanwezig om de dood te versnellen. De door artsen geschatte levensbekorting was in 73 procent van de gevallen minder dan een week, in 8 procent een tot vier weken en in 6 procent meer dan vier weken. In de overige gevallen hadden de artsen geen idee hoeveel invloed de beslissing op de levensduur had gehad.

Euthanasie en hulp bij zelfdoding

Euthanasie is een vorm van actieve levensbeëindiging. Het wordt op verzoek van de patiënt uitgevoerd door een arts. Euthanasie is sinds 2002 niet strafbaar als een arts zich aan een aantal voorwaarden houdt. Deze zogeheten zorgvuldigheidseisen zijn: er is sprake van een vrijwillig, weloverwogen en duurzaam verzoek, er is (naar heersend medisch inzicht) sprake van een uitzichtloos en ondraaglijk lijden van de patiënt, de arts raadpleegt ten minste een andere, onafhankelijke arts en de levensbeëindiging wordt medisch zorgvuldig uitgevoerd (met euthanatica: een barbituraat om de patiënt in slaap te brengen en vervolgens een spierverslapper).
De patiënt hoeft niet dicht bij zijn overlijden te zijn om met succes een euthanasieverzoek te doen. Dat blijkt ook uit de mate van levensbekorting, zoals geschat door artsen: bijna de helft van de geëuthanaseerde mensen leeft er minder dan een week korter door, ongeveer eenderde tussen de een en vier weken en ongeveer een op de tien meer dan een maand.
Bij hulp bij zelfdoding gelden dezelfde voorwaarden, het verschil met euthanasie zit vooral in de uitvoering. Dient de arts bij euthanasie de dodelijke middelen toe, bij hulp bij zelfdoding doet de patiënt dat zelf. In de praktijk betekent dit vaak dat hij een drankje inneemt. Overigens verloopt dit niet altijd voorspoedig. In een op de zes gevallen overlijdt de patiënt minder snel dan verwacht, in een op de vijf gevallen grijpt de arts in en wordt het alsnog euthanasie.

Euthanasie en hulp bij zelfdoding zijn vormen van een geplande dood; er moeten agenda’s voor getrokken worden. Vanwege de uitzonderlijkheid van de medische ingreep is de arts verplicht euthanasie of hulp bij zelfdoding te melden bij een van de vijf Regionale Toetsingscommissies Euthanasie. De commissies, die elk uit een arts, een jurist en een ethicus bestaan, beoordelen of de arts zijn werk goed heeft gedaan. Zo niet, of in het geval van twijfel, dan stuurt de commissie het dossier naar het Openbaar Ministerie. Dit gebeurt in minder dan 0,02 procent van de gevallen.

Het hebben van een levensbedreigende ziekte is een voorwaarde voor euthanasie. Sinds een uitspraak van de Hoge Raad in de zaak-Brongersma (2002) staat dit echter ter discussie. De zaak-Brongersma verwijst naar de vervolging van de huisarts van oud-senator Brongersma, die het leven van zijn patiënt – op diens uitdrukkelijke verzoek – beëindigde. Niet omdat Brongersma aan een levensbedreigende ziekte leed, maar omdat hij het leven zat was. Tot aan de Hoge Raad bepaalde de rechtgevende macht dat de arts strafbaar was.

U vindt hier informatie over de relatie tussen euthanasie en palliatieve zorg.

Levensbeëindigend handelen zonder verzoek

Internationaal ontstaat vaak opschudding – met name vanuit het Vaticaan – als uit onderzoeken blijkt dat er in ongeveer 0,7 procent van de overlijdens in Nederland sprake is van actieve levensbeëindiging zonder verzoek. Dat mag heel onheilspellend klinken en beelden oproepen van artsen die als Dr. Death’s over de afdelingen dwalen, maar in de praktijk is die dreiging niet te bespeuren. Het ontbreken van een verzoek tot levensbeëindiging sluit niet uit dat de arts en de patiënt er wél over gesproken hebben. In een op de drie situaties is dat het geval. In nog eens een kwart van de resterende gevallen hadden arts en patiënt in een vroeger stadium over de wensen rondom de dood gesproken. Als er geen verzoek tot levensbeëindiging lag en er was evenmin overleg geweest, kwam dat vooral door de toestand van de patiënt (hij was al – geheel of half – buiten bewustzijn of dementerend, verstandelijk gehandicapt of net geboren).
De door artsen geschatte levensbekorting is in 85 procent van de gevallen minder dan een week, in 7 procent een à vier weken en in 8 procent langer dan een maand.

Palliatieve sedatie

Palliatieve sedatie omvat een combinatie van twee handelwijzen: naast toediening van middelen om een patiënt in diepe sedatie of coma te brengen, wordt afgezien van kunstmatige toediening van voeding of vocht. De sedatie wordt daarbij tot aan het overlijden van de patiënt in stand gehouden. U vindt hier meer informatie over sedatie.
U kunt hier verder lezen over de verschillen en overeenkomsten tussen euthanasie en sedatie.

Auto-euthanasie en versterven

Hoewel de arts een steeds belangrijkere rol aan het sterfbed heeft gekregen, zijn er in de laatste levensfase ook nog twee doodbespoedigende beslissingen te nemen waarbij geen arts betrokken hoeft te zijn. Psychiater Boudewijn Chabot introduceerde in 2007 het begrip auto-euthanasie voor ‘het opzettelijke beëindigen van het eigen leven of het bespoedigen van het naderende overlijden, in gesprek met een of meer naasten.’ Jaarlijks voeren ruim vierduizend Nederlanders deze wens uit, schatte Chabot. Hij onderscheidt daarbij twee methoden: het stoppen met eten en drinken enerzijds (‘ten dode vasten en dorsten’) en zelfdoding met medicatie anderzijds. Het grote verschil met gewone zelfdoding is dat er bij auto-euthanasie sprake is van overleg met partner, familie, vrienden of zorgverleners. Hulp van een arts komt er bij de uitvoering niet aan te pas.
Het bewust stoppen met eten en drinken wordt ook versterven genoemd. Door het lichaam vocht en voedsel te onthouden gaat het de eigen, resterende voorraden aanspreken totdat het uitgedroogd is. Afhankelijk van de conditie, sterft een terminale patiënt zo meestal binnen een à twee weken.

U vindt hier meer informatie over versterven.

Reageren?

plaatje: bulletWilt u een reactie geven op bovenstaande tekst, dat kan hieronder.



(e-mail wordt niet getoond, wel verplicht)
 
Nina schreef op 26-09-2011 12:23
wat een verhalen, zeker Leonka.
Kort samengevat: mijn moeder is overleden nadat de huisarts zelfstandig en zonder overleg met wie dan ook besloten had de benodigde hartmedicatie te stoppen en morfine toe te dienen. Mijn moeder was gevallen en had pijn in de rug. Binnen 5 dagen verzwakte en overleed mijn moeder terwijl ze die dagen ervoor nog goed aanspreekbaar was en aangaf het niet te begrijpen waarom dit gebeurde. Ze sliep alleen veel en tijdens een van de bezoekjes vd arts ook waardoor de arts vond dat mijn moeder onaanspreekbaar was en nam niet de tijd te wachten op een moment dat mijn moeder wel wakker was, er was geen acute situatie waardoor de beslissing om medicatie te stoppen zo snel genomen moest worden.Toch nam de arts die beslissing zonder overleg. Ondanks mijn dringende verzoeken aan arts en verpleegkundigen in het tehuis werd de aanpak niet aangepast. Wel gaf de arts later toe dat de morfine een zet in de verkeerde richting had gegeven. En dit is notabene een arts die tegen euthanasie is. Wat te doen met zo'n arts?
Petra schreef op 21-09-2011 05:54
Een kind wordt geboren en heeft geen benul van heel het geboorte proces, en oh wat is het mooie en wonderbaarlijk....... waarom zou ik bewust mijn dood mee moeten maken en onnodig stressen?? Ik heb gezien het gezichtsuitdrukking van mijn moeder toen ik haar gedoucht had, de schaamte en de macht over haar eigen doen en kunde kwijt te raken, De angst, vreselijk.
Petra schreef op 21-09-2011 05:46
Als mensen ruim van te voren bespreken en op papier zet wat hun wensen zijn, zou dit een hele hoop verdriet en ellende besparen voor de nabestaande, Ik weet nu al
( 48 jaar oud ) dat ik op latere leeftijd als ik zelf niet meer weet of ik van voor of achter leef en afhankelijk moet worden van zorg, na 20 jaar getrouwd zijn met mijn man en ineens uit elkaar gerukt worden om vervolgens de rest van mijn tijd verpleegd, gewassen en gevoerd te worden leven als een kas plantje?? Nee dank je de donder niet zodra dat gebeurt wil ik een MOOIE afsluiting van mijn leven, ik heb een handgeschreven en getekende wilsverklaring gemaakt en besproken met familie en kinderen, ga ook mijn arts op de hoogte brengen van mijn beslissingen, alles staat vast het muziek tot aan mijn laatste rust plaats, niemand hoeft zich rot te voelen of schuldig, het is dan mijn beslissing en enigste wat ik kan hopen als deze ook na geleefd wordt. als en hond oud is en van alles mankeert kan hij ook niet zeggen nu is het genoeg, nee jij neemt deze beslissing. iedereen heeft een tijd dat ze hierover kunnen na denken, ik zou zeggen doe het dan wacht niet te laat. we worden allemaal geboren maar we weten dat we ook zullen sterven.
Mevr.k.wijnands schreef op 29-03-2011 09:13
martin wijnands 52 jaar herseninfarct hersenbloeding epileptisch insultgrandmal...morfinepleiste 5o vechtende als een leeuw vanaf 12januarie2010 wil het langeland ziekenhuis zoetermeer geen infuusje meer toedienen met antibiotica gezien zijn long ontsteking oplopende door verslikken ja mij man is gehandicapt zit in rolstoel maar eet als een beer vitale organen werken goed medische missers achter de rug verkeerde medicatie geen goed overdrachten en nu dan te horen krijgen dat ze hem de volgende keer niet meer helpen maar naar het hiernamaals sturen terwijl ze er zelf schuldig aan zijn gezien de conditie van mijn man verleden jaar hadden ze hem ook opgegeven nu hij heeft nog genotn wie denken ze dat ze zijn god?om te kotsen
Leonka schreef op 13-12-2009 01:06
mijn oma is afgelopen week aan dat versterven onderworpen. Na een plotseling herseninfarct heeft de familie dit besloten, gezien haar leeftijd en haar, toen acute, toestand. Het was vreselijk. Ze vroeg me met al haar kracht en half verlamde mond om water. Kreeg in plaats daarvan een mondgel, die haar dorstimpuls weg zou moeten nemen. Ze is ten slotte 92. Ik heb 3 dagen moeten toekijken hoe deze vrouw in plaats van het door haar gevraagde water morfine en mondgel kreeg en kon intussen niemand overtuigen van dat dit feitelijk moord is. Ik heb haar gevraagd of ze wilde leven. JA knikte ze. Echt waar, vormde haar mond. Ik heb haar gevoerd. Dat doet me goed, fluisterde ze. En ze kwam bij. Inmiddels zit ze druk in de revalidatie. Ze zet al stapjes, is niet meer verlamd en praat heel redelijk. We zijn een week verder en het beleid is drastisch veranderd (op mijn aandringen)

Ik stond versteld dat zoiets zomaar kan. Niemand had het goed ingeschat, haar helderheid werd als opleving gezien en haar onrust en dorst werd weggespoten met morfine. Walgelijk.